
Op de productielijn hoor je steeds dezelfde klachten: de afbeeldingen op het materiaal barsten na het wassen en testen met water. In negen van de tien gevallen komt dit doordat de UV-inkt of coating niet goed is geoxideerd – de lamp geeft namelijk niet genoeg straling om een volledige oxidatie te bewerkstelligen. Wanneer de piekintensiteit en energiedichtheid onvoldoende zijn, kunnen de fotoinitiators hun taak niet uitvoeren, waardoor de inktlaag broos blijft.
Wat technisch gezien belangrijk is
We maken gebruik van hoge-drukmercuriumlampen met een stabiele spectrale uitstroom rondom 365 nm. Dit is de golflengte die ervoor zorgt dat de fotoinitiators in de UV-inkten worden geactiveerd. Een stabiele gloeidraad zorgt er echter voor dat de uitstroom over de hele lengte van de gloeidraad consistent blijft, zodat er een uniforme oxidatie optreedt.
Gebruik een reflector met een dichroïsche coating – dit zorgt voor meer straling en voorkomt dat er te veel warmte wordt gegenereerd op het substraat. In productie termen moet de piekintensiteit op het oppervlak van de coating tussen 800–1200 mJ/cm² liggen. Dit is voldoende om de bovenste lagen te doordringen en een echte diepe oxidatie te bereiken.
De levensduur van de lampen is ook belangrijk. Onze lampen behouden meer dan 90% van hun uitstroom gedurende 2000+ uur. Sommige lampen werken zelfs wel 5000+ uur zonder dat de uitstroom meer dan 5% afneemt.
Waarom dit op de productielijn werkt
Dankzij de hogere intensiteit en stabiele spectrale uitstroom, wordt de inkt volledig geoxideerd, niet alleen in de bovenste laag. Dit zorgt voor een betere hechting en meer weerstand tegen wasbeurten. Hierdoor blijven de afbeeldingen intact na meerdere wasbeurten.
Je kunt ook sneller produceren zonder dat de kwaliteit achterblijft, want de lamp levert de benodigde energiedichtheid in een kortere tijd. Gedurende de levensduur van het systeem zorgt de stabiele uitstroom voor minder herwerkzaamheden en minder lampwisselingen, waardoor er minder stilstand ontstaat.
Belangrijke punten om in gedachten te houden
Stel de brandpuntsafstand correct in en controleer of de reflectoren goed zijn uitgelijnd. Een verkeerde uitlijning kan de effectieve straling met 20% of meer verminderen. Zorg ervoor dat de stroomvoorziening en de koeling goed zijn afgestemd; onvoldoende koeling versnelt de afname van de uitstroom.
De uitstroom van de lampen is gevoelig voor de productiesnelheid en de reflectiviteit van het substraat. Meet dus de oxidatiegraad met een radiometer en passeer de instellingen aan op basis van je specifieke inktformule. Reken op een opwarmtijd voordat de spectrale uitstroom stabiel wordt. Plan ook regelmatig de vervanging van de lampen in overleg met je productietijden.